1. STICHTING
De Koninklijke muziekvereniging ‘Willen is Kunnen’ is gesticht op 2 september 1888. Onder alle verenigingen die momenteel nog bestaan, is onze vereniging de oudste.

Het is inderdaad al heel lang geleden dat enkele muzikale buitenbeentjes na enkele vergaderingen besloten een muziekmaatschappij op te richten. Een aantal mensen uit de (kleine) burgerij vormden het bestuur. Dokter August De Jaegher, die later ook nog burgemeester van Knesselare zou worden, was de eerste voorzitter.
De fanfare kreeg van meetaf aan financiële steun van het gemeentebestuur (‘eene som van 200 franken’) en mocht de repetities geven in een lokaal van de gemeenteschool.
De allereerste optocht ging van een café in de Veldstraat naar een andere kroeg in de Kloosterstraat. Men speelde toen éénzelfde mars, zonder ophouden, om er zodoende ‘niet uit te vallen’.
Maar de kwaliteit verbeterde snel en weldra trokken de muzikanten naar talrijke festivals en andere festiviteiten in het omliggende. Vaak gebeurde dit met paard en kar, goed geladen met spijs en drank. Talrijke bewaard gebleven medailles herinneren nog aan de deelname aan festivals in Oostende, Gent, Eeklo, Maldegem, Zomergem … Ook in eigen gemeente liet men zich niet onbetuigd. ‘Onze fanfarenmaatschappij werkt onvermoeid om puike feesten in te richten, zeer voordelig voor de nering’, zo schrijft men in het jaarverslag van de gemeente in 1897. Stoeten, processies, het bezoek van kerkelijke en wereldlijke personaliteiten, kermissen, inhuldigingen en sportwedstrijden, gouden bruiloften en begrafenissen, alles gaat gepaard met optredens van ‘het muziek’.
Concertavonden en 11-julievieringen van de toneelbond De Vlaamsche Strijdbroeders (de Rederijkers) gebeuren in samenwerking met de fanfare. En na deze manifestaties worden ‘krenten broden uitgedeeld alsook koeken aan de kinderen’. Naar aanleiding van een van de vele kermissen waarop de fanfare optreedt, schrijft de verslaggever van ’t Getouwe Maldeghem’: “De bevolking en de vreemdelingen zullen zich hier op eenen deftige wijze kunnen vermaken. Wij hebben hier geen danskotten of soortgelijke vuiligheid noodig om ons wel te verzetten”. (1892)
2. BOMBARDON ZOEK
Tijdens de Eerste Wereldoorlog eisten de Duitsers alle instrumenten op, maar nadien vond men ze allemaal terug, behalve de grote bombardon. Een muzikant had het kostbaar stuk meegenomen toen hij verhuisde. Nooit is de fanfare erin geslaagd, zelfs niet via een proces, dit koperinstrument terug in haar bezit te krijgen. Ondertussen waren de meeste enthousiaste bestuursleden-stichters overleden of oudere mannen geworden. De optredens werden zeldzamer en steeds meer beperkt tot de traditionele ‘sorties’ binnen de gemeente. Vanaf 1929 kwamen daar nog wat financiële moeilijkheden bovenop. Het bestuur vergaderde niet meer, een fel uitgedund groepje muzikanten speelde nog alleen op 11 november en in de processies.


3. HEROPBLOEI
De heropbloei van de vereniging kwam er in 1937 ter gelegenheid van de inhuldiging van een nieuwe weg. Met wat hulp van muzikanten uit omliggende gemeenten speelde men terwijl in een herberg op De Plaats enkele bestuursleden opnieuw bijeenkwamen. Ze kozen er de jonge dokter Placide Vanthuyne tot voorzitter. Een gebeuren dat op 5 december 1987 met de nodige luister werd herdacht. Remi Arnaut werd de nieuwe dirigent die een aantal jonge muzikanten wist bijeen te trommelen.


De Tweede Wereldoorlog zorgde opnieuw voor moeilijkheden, maar men bleef toch verder repeteren. In 1947 volgde de jonge onderwijzer Gerard Van de Casteele, inmiddels toch al tien jaar muzikant, Remi Arnaut op als dirigent. Hij bleef zijn geliefde fanfare leiden tot in de jaren negentig!


4. NIEUW HOOGTEPUNT
In de jaren vijftig kende het muziek een ware opbloei. Jaarlijks werkte men enthousiast aan de organisatie van een ‘Muziekavond’ in de parochiale feestzaal en aan de ‘Vlaamse Kermis’ in de hovingen van de kinderen Leuridan.
Op het programma van deze volksfeesten stonden filmvertoningen, zangwedstrijden, optredens van vedetten als Burd Loney, Max Van Praag, Eddy Christiani, Paul Rutger, Willy Lustenhouwer, balletten, lachsuccessen, eigen nummers, dit alles toen nog ‘voor de prijs van 5 fr., inbegrepen plaats voor velo’s.
De muziekavonden lokten elk jaar twee dagen na elkaar bomvolle zalen. Met muziekstukjes, sketches, voordracht, liedjes en samenzang amuseerde men honderden mensen op een echt volkse wijze. Men beschikte overigens over echt komische talenten in figuren van ‘Miesken en Saey’ en van Hubert Van Hooreweghe.
Kwam er in 1958 een einde aan deze beide manifestaties, dan betekende dat niet het einde van de maatschappij. Integendeel. Alles ging er stilaan wat moderner uitzien. De muzikanten kregen uniformen, steeds meer jongeren sloten zich aan en in 1972 werd onder impuls van mevr. Vanthuyne de majorettengroep ‘De Zonnebloempjes’ opgericht.


Kwam er in 1958 een einde aan deze beide manifestaties, dan betekende dat niet het einde van de maatschappij. Integendeel. Alles ging er stilaan wat moderner uitzien. De muzikanten kregen uniformen, steeds meer jongeren sloten zich aan en in 1972 werd onder impuls van mevr. Vanthuyne de majorettengroep ‘De Zonnebloempjes’ opgericht.
De muziekvereniging kreeg de titel ‘koninklijk’ en nam deel aan de provinciale muziektornooien. Sinds 1977 speelt ‘Willen is Kunnen’ in eerste afdeling.
Het succes van de majorettengroep, die in de kampioenschappen in Knokke meerdere titels in de wacht sleepte, zorgde voor optredens in binnen- en buitenland.
De muziekvereniging Willen is Kunnen werd opgericht in 1888 en is sindsdien nagenoeg ononderbroken actief geweest in het culturele en maatschappelijke leven van Knesselare. De fanfare probeert de jongste jaren mee te zijn met de vernieuwingen in de wereld van de blaasmuziek.

Via het plaatselijke muziekonderwijs weet de fanfare weer veel jeugd aan te trekken. De vereniging telt momenteel een vijftig muzikanten.
Een ruim bestuur en tal van werkgroepen zorgen voor eigen muzikale optredens (jaarlijkse groot lenteconcert met ca. 750 aanwezigen, kerkoptredens n.a.v. het Ceciliafeest en Kerstmis, wandel- en plaatsconcertjes binnen en buiten de gemeente, muzikale reizen naar het buitenland (Spanje, Nederland, Duitsland, Frankrijk). Ze speelt een programma van licht klassieke muziek tot typische hafabra-muziek, popmuziek, …

Willen is Kunnen beschikt, na een schenking door de toenmalige voorzitter, over een eigen “woning”, in het centrum van de gemeente, met ruim repetitielokaal en bar. Een biotoop voor veel gezelligheid na de vrijdagse repetities, waar nu en dan ook gastdirigenten aan het werk zijn (Dirk Decaluwé, Jan Van der Roost, Wim Belaen, …). Meteen ook een geschikte ruimte voor tal van gelegenheidsactiviteiten (aperitiefconcertjes, kleine optredens).
De Knesselaarse muziekvereniging neemt al zowat veertig jaar regelmatig deel aan de provinciale muziektornooien en tornooien van Fedekam. Hierin plaatste de vereniging zich in eerste afdeling.

De werkgroep jongeren pakt op de eerste zaterdag van oktober uit met het “Oktoberfieste”, een Oberbayeravond met live blaasorkest. Daarvoor waren dat de WIK Quiz en rockconcerten, waarop onder meer al Roland, Raymond Van het Groenewoud, Derek & The Dirt, Lemon, The Indian Cigars en andere plaatselijke rockgroepen optraden.
Willen is Kunnen wordt muzikaal geleid door Liesa Coulleit. Anthony Stevens volgde in 2021 Philip Timmerman op als voorzitter van de vereniging.
In september 2015 werd het instaporkest WIKit opgericht. Onder leiding van Fien Van de Casteele zetten een 25-tal jonge muzikanten hun eerste stappen in de fanfare-wereld. Op dit moment heeft het instaporkest WIKit even de pauzeknop ingeduwd.